Alles verloopt volgens plan, of dat dachten we toch … Het eerste luik ging vlot : vertrek van Brasschaat naar
Lang leve de jet lag.  Veel te vroeg wakker, dus proberen we een time lapse van onze eerst zonsopgang in
Een Joshua Tree
De eerste cultuurshock is verwerkt wanneer we met geveinsde zelfzekerheid uitchecken, terwijl we ons een weg banen door de deelnemers
Vandaag is rood, de kleur van de rotsen, en de huizen, en de voetpaden, en … De dag begint met
Vandaag doen we maar één bestemming, maar wat voor één ?! De waarschuwingen van mensen die er al geweest zijn
De reis brengt ons vandaag naar één van de meeste fotogenieke canyons ter wereld : de iconische Antelope canyon, gekend
De kersverse bruid verdraagt de hitte vandaag minder goed, en dus passen we de plannen een beetje aan. Ligt het
Het contrast kan niet groter zijn. We laten Monument Valley achter ons en trekken door naar Moab. Gezelligheid troef, met
De diner van gisteren heeft ons gecharmeerd en we trakteren ons op een typisch Amerikaans ontbijt.  Het vrouwke gaat voor
Woensdagochtend passeren we nog even langs het Arches National Park, om op het verste punt, de Landscape Arch nog even
Flauwe mop
Na een korte nachtrust en het complimentary breakfast, wandelen we de Mossy Cave Trail, een goede tip van één van
Een stralende, wolkenloze hemel begroet ons in de ochtend. Echt?! Het zal niet mogen zeker? De nacht was verrassend onrustig;
Met iets meer gemak dan de eerste avond, vinden we de weg naar de receptie.  De auto staat ook nog
Een nieuwe dag vol contrasten breekt aan.  Ons roadbook liegt ons voor, en beweert dat we maar een uurtje moeten
De realiteit komt hard aan.  Yosemite is het park waar we enorm naar uitgekeken hebben, dus vertrekken we 's morgens
De meest Europese stad van de Westkust, en die indruk krijgen we al in het verkeer.  We mogen ook voor
Na het complimentary ontbijt, wandelen we van het hotel terug naar de kaai van de Alcatraz Cruises.  Ik heb er
Na twee dagen niet te rijden, breekt vandaag een heel lange rit aan, die naar Santa Maria.  Dus kiezen we
Na gisteren hebben we terug nood aan gezelligheid en warmte, dus zetten we Santa Barbara en Santa Monica op de
De laatste volle dag willen we het rustig houden, en daarvoor kiezen we Venice Beach.  We parkeren aan 15$ voor
We waren gewaarschuwd : vertrek op tijd om de wagen terug te bezorgen, want de shuttles naar LAX kunnen soms

Alles verloopt volgens plan, of dat dachten we toch …

Het eerste luik ging vlot : vertrek van Brasschaat naar de plaats waar we de auto achterlaten voor 3 weken, en met de shuttle naar Nederlands grootste luchthaven worden gebracht.

24 uur van tevoren heb ik ons ingecheckd voor rij 24 in de Delta vlucht van Schiphol naar LAX.  Twee plaatsen kort bij de toiletten, maar naast elkaar, dus alles OK.  Het onheil begint wanneer ik mijn reservatie via de app van Delta wil nakijken, en dat die leukweg aanduidt dat er iets scheelt, en dat we ons mogen melden aan het loket van Delta.

Vol zelfvertrouwen schuiven we toch aan, en kunnen we ons alsnog elektronisch inchecken op de luchthaven en de bagage achterlaten.  We zitten wel ineens op rij (lucky number) 13!

Wat blijkt, een klaskameraad van 35 (!) jaar geleden, heeft zijn eigen Connections aangesproken, wat ons een upgrade naar Comfort+ oplevert.  We voelen ons sterren wanneer we vroeger mogen boarden, zijn in de wolken met 8 cm extra beenruimte en plots staat daar een vriendelijke dame om ons te begroeten, met de wensen van Frédéric.  Wanneer de gezagsvoerder de passagiers toespreekt, vraagt en krijgt hij nog een applaus voor de honeymooners…. that’s us 😉

Enkele gouden tips :

  • Visitor centres bij elk park en elke stad geven goede, meestal objectieve informatie
  • Drink water, tijdens de vlucht en vooral ter plaatse

Dat blijkt trouwens een toverwoord dat soms werkt : aan de douane moeten we ons even melden bij een agent, maar die zet gezwind een paar stempels in onze paspoorten en bij het toverwoord kan er zelfs een glimlach af.  De rode shuttlebus zet ons af bij Avis, waar we maar liefst 70% korting krijgen en voor slechts 30€ (per dag!) een grotere wagen kunnen krijgen.  “Thanks, but no thanks” : de Nissan Rogue SV is groot genoeg voor twee en een karrevracht bagage.

  • Geen upgrade, zelfs niet met 70% korting
  • Wel de lokale versie van de VTB/VAB, want ge weet nooit…
  • Geen dure optionele GPS, maar de app Maps.me, beschikbaar op android, iphone en ipad: dank u, mama, voor de gouden tip!
  • Let wel: je doet er goed aan om op de wifi je route eens te overlopen zodat de app alle relevante kaarten kan downloaden.

We gaan nog even een REI binnen, een lokale A.S Adventure, voor een cooler, een soort frigobox waar je dagelijks ijs in kapt en het smeltwater laat weglopen.  120$ vinden we teveel, dus rijden we maar naar het hotel.  Wéér loopt er iets niet van een lijen dakje.  Wanneer de eerste receptioniste er een tweede en een derde bijroept, blijkt dat er iets mis was met de reservatie, maar het complimentary breakfast maakt alles goed.  Een dag van 30 uur zit erop.

Lang leve de jet lag.  Veel te vroeg wakker, dus proberen we een time lapse van onze eerst zonsopgang in Californië.  Ondertussen schuimen we het internet af naar alternatieven op de koelbox, en vind ik er voor 20$ bij Basspro, een soort van bollenwinkel voor iedereen die houdt van vissen en jagen.  Een dikke mist komt plots opzetten, wanneer we genieten van ons complimentary breakfast.  Toch laten we een correcte fooi achter, waardoor we weeral bijzonder vriendelijk bediend worden. De Oostenrijkse chapter van de Harley Davidson fans kan zijn plan trekken 🙂

Omdat we zo vroeg vertrokken zijn, plannen we een eerste stop aan de Basspro van Anaheim, en slaan we proviant in bij Walmart, waar de bediende ons vreemd aankijkt wanneer we vragen of ze ook vers fruit hebben, of zo. 

Eindelijk rijden we door naar Palms Springs.  Het eerste visitor centre valt ons direct op en we volgen het advies van vriend Frédéric.  De attractie van de dag is de Palm Springs Aerial Railway, of bij ons gekend als ne téléphérique, die trouwens volledig in Zwitserland is gemaakt.  Binnenin draait de vloer tegen de klok in en krijgt dus iedereen een kans om zuurstof te happen aan de paar raampjes.

Eens bovengekomen worden we direct de aangename temperatuur van een 25°C waar, en wandelen we enkele zichtpunten af.  Een paar knapen uit Boom zijn Tomorrowland ontvlucht.   Ze beschrijven de reis die ze er op dat moment al hebben opzitten, uitkijkend over die andere festivalvallei Coachella; inspirerende babel die moet verwerkt worden, … met een Belgische pint.

Het Renaissance hotel waar we vanavond zullen slapen is een schot in de roos :

De eerste cultuurshock is verwerkt wanneer we met geveinsde zelfzekerheid uitchecken, terwijl we ons een weg banen door de deelnemers van een of ander vastgoedcongres dat hier plaatsvindt.  De wagen staat nog steeds op de plaats waar ik hem de dag ervoor heb achtergelaten, maar het meeste ijs in de cooler is reeds gesmolten.  Mental note : de bakjes van de charcuterie van Walmart zijn niet waterdicht.  

De route van vandaag brengt ons via Joshua Tree National Park.  Eerlijkheid gebiedt me te melden dat ik dit park graag op de rondreis had, omwille van het gelijknamige U2 album waar de boom op de cover prijkt.  Maar als eerste échte natuurpark van de toer kan dit tellen.  Met zijn 3200 km² is dit park groter dan de provincie Antwerpen.  Van het lagere, woestijngedeelte langs waar we het park binnenrijden met zijn uitgestrekte valleien met laag struikgewas, tot de hoger gelegen Mojave desert met zijn typische Joshua Tree,  blijft dit park ons verbazen.

“Where are you from?”  Een openingszin die bijna altijd werkt, want het geeft de mensen de kans om uit te pakken over hoe goed ze België kennen.  Zo ook de Australiër van vandaag die via via Kimmie kent (Kim Clijsters) toen hij nog tenniscoach was, en dus ook al een paar keer door België is gereisd.  Volgens hem zijn Belgen de “kindest people ever” dus maak ik hem wijs dat bijna iedereen net als Kim is.  “The best thing ever is that she got rid of Leighton”, waarna nog rits excuses volgt voor de arrogantie en het wangedrag van Leighton Hewitt.  Goed dat ik tennis eigenlijk niet volg…

Ondertussen hebben enkele honderden bijen van onze auto een nieuwe thuis gemaakt, en dan waarschijnlijk vooral omwille van het condensatie-vocht van de airco.  We fantaseerden immers dat de film van de maanlanding hier in de buurt kon opgenomen zijn, dus allicht hebben de bijen ook wat moeite om voldoende vocht te vinden.  We waren op het visitor centre al gewaarschuwd, maar hadden geen idee dat we al zover waren.  Mijn kersverse stapt dan maar achter mij aan de bestuurderskant in en we rijden vlot terug, en zien dat de toegang tot dit gedeelte van het park ondertussen reeds versperd is.  Wanneer we na 20 km op een parking stoppen, komen nog enkele tientallen passagiers van onder de motorkap.

De laatste halte voor we dit park achter ons laten is bij de Cholla Cactus Garden, waar de teddybear cholla cactus de show steelt.  De afscherming rond deze planten is geen overbodige luxe, want deze plant laat zich niet knuffelen.  Ik heb me laten wijsmaken dat de stekels niet alleen venijnig zijn, maar ook nog eens weerhaakjes hebben.

Van de 440km die we vandaag moeten afleggen hebben we nog geen kwart gedaan.  Wanneer we de grens met de staat Arizona kruisen, valt onze frank dat we ook voor de rest van de reis keuzes zullen moeten maken… maar ook dat dit de mooiste reis ooit wordt.

Vandaag is rood, de kleur van de rotsen, en de huizen, en de voetpaden, en …

De dag begint met een scene van de Birds, waarbij je je ontbijt geen seconde uit het oog mag verliezen.  Da mag een engelse toerist aan den lijve ondervinden wanneer we buiten van het ontbijt genieten.  Zoals elke dag, starten we met de verplichte stops : ijs voor de cooler, brandstof voor de wagen.  Op basis van het roadbook van Connections besluiten we vandaag te stoppen in Sedona en Flagstaff.  Sedona is prachtig.  De setting is ronduit indrukwekkend, en iedereen is weeral ongelofelijk vriendelijk. 

Bij een bezoek aan het lokale Visitor Centre, zouden we een helicopter-vlucht kunnen boeken voor 40$ per persoon.  Pas daarna komen de voorwaarden voor dit 60%-korting gunst-tarief :-). Het excuus dat we gebruiken, is dat we op dag 5 ook al gaan helicopter-vliegen, en boven de Grand Canyon.  Blijkt dat niet elk visitor centre, een zomaar vrijblijvend informatie verschaft maar een commerciële agenda heeft.

We komen erachter dat we helemaal nog niet in het bruisende Sedona zitten, maar een gehucht ervan.  Wanneer we doorrijden zien we een toeristische parel, maar volgen de tips van Dave van het visitor centre en komen aan in het Oak Creek park met als doel wat stilte en verkoeling te zoeken om een boek te lezen.  Het was er in ieder geval rustig ….

Tussen het wandelpad en het kabbelend beekje, hing het dreigende ‘no trespassing – road closed’ …

Het geplande Flagstaff en zijn befaamde Meteor Crater schieten erover (flauwe woordspeling).  Jammer maar helaas voor een volgende reis.

Ander en beter denken we dan maar.  Op de 2,5 u durende rit naar Tusayan (Grand Canyon) draait mijn stuur plots naar links aan een Airplane Museum waar 20% van de toestellen filmsterren zijn.  De gelegenheid om nog een boterhammeke te eten.  Jammer genoeg zijn we net op tijd om het bordje van Open naar Closed te zien springen, maar de dame van het museum geeft ons nog mee dat we voor een helicoptervlucht van 25’ in de Grand Canyon slechts 249$ kwijt zijn, maar dat je voor 149$ het vliegtuigje kan nemen voor 45’ en veel meer ziet.

Het Grand Canyon Plaza hotel, waar we de nacht doorbrengen, is een belevenis… De tijd is er blijven stilstaan, en de cassette met de muziek dateert allicht van de periode dat het hotel werd gebouwd.  Een volledige overdekte wintertuin met een bubbelbad en kerstverlichting maakt het plaatje compleet.  We wanen ons bijna in een episode van Twin Peaks meets Center Parks, maar zijn te moe om Laura Palmer te zoeken.

Vandaag doen we maar één bestemming, maar wat voor één ?!

De waarschuwingen van mensen die er al geweest zijn schieten te kort voor wat ons te wachten staat.  Onmiddellijk weten we dat de foto’s die we vandaag zullen nemen, de grootsheid niet kunnen weergeven.  De foto’s op deze pagina zijn dus niet meer dan bladvulling.

We slaan het eerste advies van gisteren in de wind en volgen het tweede advies, want een dame met een duits-amerikaans accent zegt ons dat we ‘nice and early’ zijn en met de auto het Park in kunnen om de oostelijke kant van de Southern Rim te nemen (25 mijl, zowat de afstand tussen Antwerpen en Brussel), tot aan Desert View Point.  De eerste kennismaking met het grote gat in de grond, blaast ons van onze sokken; een must-see voor iedereen en terecht één van de zeven Wereldwonderen.

Op één van de zichtpunten stelt een vriendelijke West-Vlaming (‘bluven sjette gevn’ stond op zijn pet) voor om een foto te nemen, en vertelt ons zijn relaas van de voorbije dagen.  Zij zijn helemaal afgedaald tot onderin de vallei, waar het toen 55° was, Celcius, niet Fahrenheit.  Ze stonden dus `s nachts op om af te dalen, vervolgens 6-7 uur beschutting te zoeken, om daarna de tocht met meer dan 900 hoogtemeters terug aan te vangen.

Even over het park zelf : zoals alle (3) parken die we tot nogtoe gedaan hebben, indrukwekkend; wandelpaden zijn geasfalteerd, ruime parkings, kraaknet sanitair (dixit mijn kersverse vrouw).  Tot zover mijn impressie van Emiel Goelen. Alles draait rond het grote gat in de grond

Mijn vriend Jan gaf als tip de zonsondergang te fotograferen vanop Hopi Point, maar dat is dus een timelapse geworden.  De Pulitzer-prijs is dus nog niet voor dit jaar 😉

De reis brengt ons vandaag naar één van de meeste fotogenieke canyons ter wereld : de iconische Antelope canyon, gekend als desktop wallpaper van een of andere versie van Windows.   Voor de kortste weg, rijden we nog even langs de Grand Canyon, maar ook wanneer die achter ons ligt, blijft de uitzichten spectaculair.  We melden ons ruim 30 minuten van tevoren aan en vertrekken 20 minuten later.  We komen toe om 11:30 met de jeep, of vee-wagen, want zo voel je je wel op de rit ernaar toe.

Onze afspraak van 11:30 ligt al vast van november en dat is zowat het beste uur.  Niet alleen omdat we nu exact een week getrouwd zijn, maar ook omdat de zon dan het hoogste staat en hierdoor de zonnestralen het diepst in de grot dalen.  De wolkenloze hemel maakt het plaatje compleet.  Omdat ik niet weet wat te verwachten, besluit ik de gopro de foto’s in RAW te schieten en speel ik wat met witbalans terwijl we door de verschillende kamers aanschuiven. 

Yep, we zijn niet alleen; een twintigtal jeeps met telkens een 15-tal bezoekers maakt dat het soms een beetje drummen is, maar de gidsen slagen erin om dit allemaal gedisciplineerd te laten verlopen, en geven daarbij de tips over de juiste richting, en het ontstaan van deze uitzonderlijke plek.  Rugzakken en statieven zijn niet toegestaan, om de zachte zandsteen niet te beschadigen.

Al van in het begin wordt duidelijk waarom onze kordate doch super vriendelijke gids Valerie een modieus roze schopje bijheeft.  In de eerst kamer trekt ze een lijn in het zand, en wanneer iedereen zicht achter deze lijn geplaatst heeft, gooit ze een schopvol zand in de lucht, want zo komen de zonnestralen nog mooier op de foto.  Meteen weerklinkt het spervuur van Canon’s en Nikon en het irritante gebiep van een Gopro.  En toch doen we mee… in elke kamer weer.

Dit alles verloopt efficiënt en gestructureerd, en slecht één enkele keer komt krijgt er toch een achterblijver van een vorige groep per ongeluk  een schopvol zand over zich.

Even later zijn we de canyon door en hebben we het met de gids nog over de speciale status van indianen en reservaten in de Verenigde Staten.  Volgens Valerie, zijn reservaten als souvereine staten, met hun eigen regels en wetten.  Ze hebben een eigen bestuur met een scheiding der machten tussen de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht.  De Amerikaanse grondwet schrijft de oorsprong van dit model zelfs toe aan de Iroquois indianen.  De Romeinen en Grieken laten we hier even buiten beschouwing, maar het is in ieder geval voer om voor onderzoek als we terug thuis zijn.  Je voelt tijdens het gesprek wel dat ze altijd lang hebben moeten wachten eer ze rechten kregen.  De ironie van de migratie-thematiek levert een boeiend gesprek, dat ik u niet mee ga vervelen.  Tip : wissel eens van gedachte met de lokale burger ;-). Het verhaal als zou de grot ontdekt zijn door een 14-jarige Navajo-meisje, zet ze even in het juiste perspectief : deze jongedame kreeg de eer omdat dit gebeurde in de periode dat er voor ‘t eerst de geschiedenis gedocumenteerd werd.  Duizenden jaren ervoor leefden er ook al stammen in die streek.  Het feit dat de erosie en de zachte zandsteen weinig heel laat van menselijkse sporen, zorgt ervoor dat er geen bewijs van het tegendeel bestaat.

De rest van de dag houden we het rustig : na het opslaan van proviand voor de komende dagen en een broodje van Subway, leggen we ons met een boek aan het zwembad van ons mooie hotel.  O ja, wat heeft de Amerikaan tegen korsten ?  Een Italiaan zou geshockeerd zijn over wat hier Ciabatta noemt, maar hetzelfde gaat op voor alle soorten brood…. We worden ook voor ‘t eerst geconfronteerd met een bedelaar aan de wagen, die vraagt of we een dollar voor hem hebben.  Vandaag alleen plastic, dus wensen we hem het beste met een frisse cola en iets te eten.

‘s Avonds vieren we onze one-week-anniversary in het restaurant van het hotel, waarna we weer moe maar voldaan erin kruipen.

De kersverse bruid verdraagt de hitte vandaag minder goed, en dus passen we de plannen een beetje aan. Ligt het aan de Margherita (de cocktail, niet de pizza) van gisteren ter gelegenhieid van een week getrouwd, of de continue warmte?  In ieder geval herbekijken we de plannen voor vandaag in de auto, want we hebben toch een rit van meer dan 4 uur voor de boeg.

We laten het luxe-hotel in Page achter ons en vertrekken pas echt na de traditionele stop voor ijs.  Eerste tussenstop halverwege is Kayenta.  Oeps! Foutje van mijn kersverse better half wordt prompt rechtgezet door Maps.me en de duur van de rit wordt gehalveerd ??

njom njom

We kruisen hier een tijdszone, en de magen laten zich vangen, dus we installeren ons aan de eerste picnic-tafel die we tegenkomen.  Het moet gezegd: vandaag maken we de gezelligheid zelf. Waar we gisteren nog een leuk gesprek hadden met onze gids Valerie en van gedachte konden wisselen, komen we vandaag bijna alleen maar norse indianen tegen.  De Gouldings Lodge heeft echter alles om er iets tof van te maken, schildersachige locatie, één van ’s werelds meest iconische uitzichten, een geschiedenis om fier op te zijn, maar de indianen zien dat blijkbaar anders.

Alles is twee keer zo duur als elders en alles lijkt teveel voor de originele bewoners van dit continent.  We voelen ons getolereerd, maar niet geliefd.  Ik besluit die avond een time lapse met de gopro te maken van dag naar nacht en zoek me een mooi plaatsje uit waar ik hoop niet teveel omgevingslicht te vangen.  Immers, hoe donkerder, hoe meer sterren je kan vinden.  Alles loopt goed, … tot overal de meest irritante verlichting langs trappen en paden aanspringt.  Dit wordt het begin van een obsessie …. Het voorlopige resultaat krijg je van mij nog mee 😉

Het contrast kan niet groter zijn. We laten Monument Valley achter ons en trekken door naar Moab. Gezelligheid troef, met terrasjes, originele winkeltjes en massa’s avontuur, met ziplines, quads, jeeps en uiteraard rafting op de Colorado-rivier. Het laatste lijkt ons wel wat. Hier vind je geen van de grote ketens als een Walmart of Target. Het hotel is deze keer wat minder, maar de rest van Moab is zó leuk. Uiteraard kunnen we de gezellige terrasjes niet zomaar voorbij, en eten we een pasta en een wrap, waarvan de helft mijn avondeten wordt.

Nadat ik het vrouwke heb omgekocht met een ijsje uit de lokale diner, stappen we bij de buren binnen om te ‘informeren’ voor een rafting trip. De jongedame achter de balie is er niet helemaal bij, maar het lukt ons om vast te leggen voor ‘s anderendaags in de middag. De prijzen : 79$ per persoon, excl. Taxes.

De rest van de dag rijden we nog even naar het nabijgelegen Arches National Park om van ver de Delicate Arch te bewonderen. Het moet gezegd : in de zomer is het er heet, en elke verplaatsing kost bijzonder veel energie, maar dat zijn we snel vergeten bij het aanschouwen van de schoonheid van de natuur. Tip van de dag : de zandsteen slaat de zonne-energie op en geeft die de hele avond weer af in de vorm van warmte. Het beste moment van de dag om te gaan wandelen in dit park, is dus ’s ochtends.

Met de overschot van de wrap en wat we nog in de cooler vinden, maken we het gezellig met zicht op Dead Horse Point, waar we zonsondergang aanschouwen tot de muggen ons wegjagen. Het verhaal gaat dat lange tijd geleden, de wilde paarden bijeengedreven werden op dit stukje rots, waar dan de beste exemplaren gevangen werden voor verkoop. De rest werd dan vrijgelaten, maar vond de weg niet terug naar de vrijheid, waardoor vele paarden er stierven. Ik kan me niet ontdoen van de gedachte dat de mens hier door het wegnemen van de leiding, de rest van de kudde verstoord heeft. Wanneer we Moab terug binnenrijden is het donker en tijd om ons mentaal voor te bereiden op het avontuur van morgen.

Ontbijt Moab Diner
njom njom

De diner van gisteren heeft ons gecharmeerd en we trakteren ons op een typisch Amerikaans ontbijt.  Het vrouwke gaat voor de pancakes met maple syrup, en krijgt er slecht één op.  OK, het ontbijt is de belangrijkste maaltijd van de dag, maar toch niet de enige?  Ikzelf ga voor de butter on toast met sunny side up, bacon en een brown hash die ik toch maar laat liggen.  Ze doen dat toch goed, de Amerikanen; en Suzy meest van al.

Wanneer we ons aanmelden voor de rafting, zijn we niet alleen.  We krijgen een drinkbus mee, die we de rest van onze reis nog veel gebruiken.  En we volgen bijna alle goede raadgevingen op van onze jonge en ervaren gids Naomi.  Eens op ons vertrekpunt toegekomen delen we een raf met een Japans koppel en een familie uit Texas.  Haruto-san en zijn vrouwke vieren hun tiende huwelijksverjaardag door hun huwelijksreis nog eens over te doen.  Dean en Pam, 26-jaar getrouwd, doen hun eerste road-trip ooit met hun kids Zane en Zoë. 

net echt

Zoë en ik springen geregeld in het bruine water van de Colorado, zij met een backflip, ik niet…. Dit is toch de beste manier om af en toe wat verkoeling te zoeken, en tegen wanneer we aanmeren voor een lunch-BBQ voel ik al dat de ‘smeer je goed in op de bovenkant van je knieën’-tip beter gevolgd kan worden.  Voor wie dit overweegt : neem een waterdichte zak mee, om wat dingen mee te nemen, zoals zonnecreme, maar laat waardevolle zaken achter.

Kort na de lunch komen we aan een echte ‘rapid’ of stroomversnelling.  Ik prop de gopro tussen mijn zwemvest en film de heldhaftige afvaart.  Razend benieuwd naar de beelden later op de kamer.  Maar dan slaat het noodlot toe.  Kort na de stroomversnelling is de volgende gelegenheid om te verkoelen, en ik spring in het water.  Wanneer ik even later terug naar het raft zwem, is de gopro verder gedoken.  Die filmt dus nog even voort vanop de bodem, … ik baal als een stekker.  Alle ‘had ik maar…’ scenarios razen door mijn hoofd.  Dit had ik zo gemakkelijk kunnen vermijden met een stukje koord.

Enkele ronden raft-rodeo kunnen even mijn zinnen verzetten.  Zane was een waardige opponent, dus laat ik hem maar winnen.  De animatoren van Moab Adventure City hebben er al bij al een prachtige dag van gemaakt.

Mijn kersverse vrouwke besluit dat dit een goed moment is om mijn verjaardag 3 maand vervroegd te vieren en zoekt geniepig op waar we een nieuwe gopro kunne vinden, deze keer met een grip die drijft en een polsbandje.  Na een dag van hoogtepunten en dieptepunten, maken we de balans op, en gelukkig genoeg had ik daags ervoor nog een backup gemaakt via de app. 

Eens terug in België zal ik wel bekijken wat er nog meer op de SD kaart stond.

Het was een dag van extremen, maar wel afgesloten op een toppunt.  Wat zie ik ze toch graag!  Zo vlak bij het centrum van Moab is een foto van de nachtelijke lucht niet aan de orde, en alleen het Park inrijden… zal voor een andere keer zijn.

Woensdagochtend passeren we nog even langs het Arches National Park, om op het verste punt, de Landscape Arch nog even mee te pikken. Nog een tip : bezoek dit park bij voorkeur ‘s morgens vroeg. De zandsteen neemt gedurende de dag de hitte op, en geeft die tot laat nog af. Na de nacht is de temperatuur nog draaglijk.

Van hieraf vertrekken we voor een rit van zowat 5 uur. Het weer slaat om in de bergen, en het water valt met momenten met bakken uit de lucht. De voorgestelde tussenstop van Capitol Reef slaan we maar over. De weergoden zijn ons goed gezind, want wanneer we in de buurt van onze bestemming komen, klaart het op. We rijden dus door naar het Bryce Canyon National Park, en weer worden we overweldigd door de pracht van de natuur. Je zou bijna vergeten dat je hier op bijna 2900m hoogte zit.

Wat dit park voor ons speciaal maakt, is dat alles dichtbij maakt; je kan er wandelen tussen de hoodoos. Elk natuurpark heeft zijn charmes, maar dit heeft er toch wel heel veel. Zoals elk National Park, is het er kraaknet, maar op de terugweg naar ons hotel schrikken we toch even. Een gewond rendier zit midden op de baan, en wanneer we in de buurt komen, springt het moeizaam op drie poten weg. De linkerachterpoot is duidelijk gebroken, en uitgeput blijft het dier liggen in de berm.

Dit is dus nog steeds een natuurpark met wilde dieren die onvoorspelbaar in het midden van de weg kunnen staan/springen. We maken ons geen illusies over de overlevingskansen van dit arme dier, maar we kunnen het niet helpen. Melden gaat ook niet want de wachtposten zijn onbemand wanneer we terug aan de ingang passeren.

Het hotel lijkt op een klein Bobbejaanland, met overprijsde cliché-souvenir-winkels en een restaurant waar Bobbejaan Schoepen graag had rondgelopen. Tip voor dit hotel : de gebouwen van de kamers beschikken niet over een lift dus verkies een kamer op het gelijkvloers, dus verdieping 1.
A ja, een foto van de sterrenhemel zit er vandaag niet in. Zelfs de maan wordt al moeilijk te spotten.

Na een korte nachtrust en het complimentary breakfast, wandelen we de Mossy Cave Trail, een goede tip van één van onze Facebook-vrienden, Jan. Hier zie je het landschap veranderen. Lange tijd geleden, werd door mensenhanden een doorgang geforceerd om hoger gelegen water van één vallei naar een andere te stromen. Hierdoor heeft de eeuwenlange erosie die de karakteristieke hoodoos fabriceerde, nu ook rivierbedding full-option, dus met waterval. Van hieruit vertrekken we recht richting onze volgende bestemming.

Bryce Canyon National Park heeft bijzonder veel te bieden, is een parel van formaat. Maar wat volgde was weerom mooi.

Eerst en vooral het logement. Wat. Een. Voltreffer. De Zion Mountain Ranch bestaat uit een hoofdgebouwke annex winkel en een hoop huisjes van verschillende formaten. We zijn nog te vroeg, maar kunnen al inchecken. Op de sleutel moeten we wel wachten, aah ja, een sleutel : zoiets van metaal dat je in een uitsparing in de deur duwt, en dan tegen de klok in draait.
De vriendelijke dame aan de toog doet ons het verhaal van Betty, het bizon kalf dat in een put verzijld geraakte, gered werd door de uitbaters, maar door de kudde verstoten werd. Het werd dan maar gezoogd, en is makker dan een Golden Retriever. Zonder zwans. Betty is nu 2,5 maand oud, en brengt me toch niet van de gedachte om vanavond bizon te eten. Nog even langs de kudde bizons die nu heel toevallig vlakbij komt grazen, en dan door.

Zion National Park

Om de tijd optimaal te besteden, rijden we al even door naar Zion. Met de National Parks pas, kost dit ons toch niets meer. Het is hier iets drukker dan de vorige parken, maar o zo feeëriek. Eén van de eerste bergen die we tegenkomen is de Checkerboard mesa, de foto geeft wel aan hoe die aan zijn naam komt.

Met de auto geraken we tot op de grote parking van het Visitor Centre, in elk park een goede uitvalsbasis trouwens. De bedienden zijn altijd hulpvaardig, gastvrij en correct. Zo leren we dat slechts de helft van het park toegankelijk is met de auto. Voor de rest moet je de gratis bussen nemen, maar dat is geen opgave : ze komen om de 5 minuten en je steek er onderweg wat van op.

We hebben onze zinnen gezet op de Narrows, een wandeling door het water in een smalle kloof op op het einde van de Canyon, maar wegens overstomingsgevaar afgesloten. Daar zitten de buien voor iets tussen die we de hele dag gezien hebben. Met enige vertraging kan het water van kilometers verder in de bergen verzamelen, en voor een vloedgolf zorgen die bomen en al meesleurt. Spontaan duidt de parkwachter enkele gemakkelijke wandelingen aan, waarvan we er een eerste doen ; de Lower Emerald Pools. Helemaal zeker zijn we niet dat we in ons opzet geslaagd zijn, want de wandeling die we doen lijkt veel langer, met meer hoogtemeters dan in de brochure staat, maar hoe indrukwekkend.

Emerald Pools

Voilà, terug naar de auto en op naar onze cabin. De voorbije dagen zijn redelijk vermoeiend geweest, en we steken dat maar graag op de warmte. Mede door de uitnodigende houten schommelstoel en het plan om in dit afgelegen gehucht eindelijk de foto te nemen van de Melkweg, besluiten we het morgen wat relaxer aan te pakken, temeer omdat we naar Sin City trekken. Eerst nog het langverwachte bizon-vlees. Het restaurantje van de Zion Mountain Ranch heeft smaak. Ze hebben de kruiding perfect, de garing van het super-magere vlees met de paarse aardappelen, en alles errond maakt het een feest. Mijn enige spijt : dat ik niet meteen voor de bizon-steak ben gegaan. De pinot noir paste, maar was teveel 😉

De weg terug naar ons huisje lijkt veel langer, en wanneer vervolgens de hemel dichttrekt met wolken, zakt de moed in de wandelschoenen. Ik begin te vrezen dat ik voor een foto van de Milky Way naar het snoepgoed zal moeten zoeken…

Een stralende, wolkenloze hemel begroet ons in de ochtend. Echt?! Het zal niet mogen zeker? De nacht was verrassend onrustig; misschien door het wijntje?

We pakken het dus rustig aan vandaag en rijden richting Las Vegas. Outlet shopping. We verblijven hier toch twee nachten en eerlijk gezegd kijk ik hier niet naar uit. Het outlet shopping center is dan ook nog eens een soort druk Maasmechelen ipv een Wijnegem, dus de airco is er alleen in de winkels, maar voor de rest lopen we in een broeierige 44 graden.

Als we doorrijden naar ons hotel, hebben we geluk dat het vooraan op de Strip ligt. Niets bereidt je voor op de grootte, het gedruis, de verkeersdrukte. Het contrast met de voorbije 10 dagen kon moeilijk groter. Het enige dat hetzelfde blijft, zijn de temperaturen. Wanneer we inchecken, steken we fier iedereen voorbij, want ik ben sinds Palm Springs Hilton Honor lid. Whatever. We hebben toch minder moeten aanschuiven. Zo gemakkelijk het is je weg te vinden in de ruim 3000 km we hebben gereden, zo moeilijk is het je kamer te vinden. En dat is een constante in alle casino-hotels we passeren. Alles is erop gericht je ter plaatse te houden en te gokken. Ik overweeg kruimels te strooien, maar tientallen cameras loeren mee.

Het gezegde over ongeluk in het spel en geluk in de liefde in gedacht, krijgen ze van ons geen dollar 😉 De drukte is overweldigend ; het wordt kiezen tussen koelte en relatieve rust. De kamer op de 16de verdieping geeft een ongehinderd zicht op de luchthaven van Las Vegas en de felverlichte lege parking onderaan. De zogenaamde shutters slagen er niet in het licht te blokkeren. Nogmaals, ‘een slapende gast, gokt niet’ denk ik dan.

Even gaan wandelen langs een paar highlights op de Strip dan, want we hebben een volle wish list : de bloemen en de fonteinen van het Bellagio zijn niet ver, maar dat is dus ook onderschat. Het is een prachtig schouwspel, zonder meer, op de tonen van Bruno Mars. We gingen het dus kalmaan doen, remember?

‘s Anderendaags beginnen we toch iets kalmer. In de hal beneden staat een jonge bruid te ongeduldig te wachten, en als we naar buiten kijken staan de stoel klaar voor een ceremonie. Het is niet de laatste trouwer van die dag. Ook wanneer we de rest van onze wish list proberen af te werken, komen we verschillende gezelschappen waarbij een toekomstige bruid wordt voortgeduwd door een luidruchtige horde. We onthouden ons van commentaar 😉 en wensen de dames geluk.

We zien de gondels varen op de tweede verdieping van het Venitian, delen een schoteltje nachos met vlees, avocado en jalapenos aan het Ceasar’s Palace en profiteren van de tijdelijke relatieve rust. We moeten immers nog terug naar ons Tropicana om op te frissen want vanavond vieren we dat we 2 weken getrouwd zijn.

Ik heb hiervoor een unieke locatie gekozen : 800 voet boven de grond, oftewel de 108ste verdieping van de Strat. Met de computerbediende monorail geraken we er dicht in de buurt. We worden in de watten gelegd door Clint, Jeffrey en Andy. Ik bestel de Waguy steak, rare, en Jeff is duidelijk akkoord; mijn kersverse kiest de vegetarische pasta (lees: slierten zonder pasta). Alles is top, de locatie, het eten is super, bijna zo goed als het gezelschap, de broodjes hebben zelfs een korst! We overwegen nog iets te nemen van de dessert kaart, maar moeten erkennen dat die tijden lang vervlogen zijn. Een waardige afsluiter en gepaste viering van onze 2 weken.

De monorail brengt ons terug naar ons hotel, maar toch komt de stappenteller voor de dag vlot boven de 20.000. Per persoon.

Met iets meer gemak dan de eerste avond, vinden we de weg naar de receptie.  De auto staat ook nog waar we die twee dagen geleden hebben achtergelaten, al is het ijs van de cooler nu wel echt gesmolten.  De eerste orde van de dag is dus :  brood – charcuterie – ijs, en vooral water.

Bij het buitenrijden van Vegas vinden we alles wat we nodig hebben, in de Target en Walmart. Maps.me brengt ons naar de volgende rustplaats : Death Valley, maar onderweg passeren we nog enkele mooie plaatsen.  Ik besluit het Badwater Basin te laten voor wat het is, en rij naar Dante’s View, zo genoemd als verwijzing naar de voorstelling van de hel door Dante Alleghieri waarbij je dus van boven kijkt naar de ‘ergste hel’.

De borden langs de weg houden we goed in de gaten.  Het aantal kilometer tot aan het volgende service station.  Eén bord meldt dat je beter de airco uitzet om de motor niet te oververhitten, maar we vertrouwen de japanse technologie en houden het koel, met één oog op de koelwaterthermometer.

Op een kleine 1700m hoogte is de hitte te verdragen, maar geamuseerd volgen we de evolutie van de thermometer van de auto.  Wanneer we aan Zabriskie Point stoppen, is hij al goed op weg, en aan ons hotel piekt hij op 120°F. Furnace Creek heeft zijn naam niet gestolen.  We zitten hier 60m onder de zeespiegel, maar het voelt hier droger, … en warmer.

De hitte maakt zelfs ademen moeilijk, maar alles komt goed.  ’s Avonds, wanneer de temperatuur gezakt is naar een koele 36°C maak ik nog even een wandeling over het domein.  Het is vreemd om in deze extreme omstandigheden te wandelen over ’s werelds laagst gelegen golfterrein met zicht op de melkweg.  Alles wordt zo relatief als zelfs de sterren dichtbij lijken.  Filosofisch moment, last van de hitte?

Een nieuwe dag vol contrasten breekt aan.  Ons roadbook liegt ons voor, en beweert dat we maar een uurtje moeten rijden, wat ons gemoed sust voor de brandstof.  Na dat uurtje, valt onze figuurlijke frank dat er iets niet juist in de haak zit, dus zoeken we een oplossing voor het tanken.

Tip aan de lezer : de prijzen voor de benzine kunnen variëren tussen pakweg 3$ en 4,5$ per gallon (3,78 liter).  En dat is als je zelf tankt, want in een zogenaamde full-service tankstation komen ze je bak volgooien (letterlijk dan) en dan mag je hogere prijzen verwachten.

Onderweg, in Bishop, komen we Schat’s Bakkerij tegen, net naast Anneke Schat’s Wine Cellar. Wanhopig op zoek naar brood met een korst springen we er binnen, en komen zowaar in een soort bakker-museum vol Delfts Blauw, en tientallen soorten brood. Vol goede moed kopen we er gelijk onze lunch, zowat een boterham in een plastiek schaaltje. 2 sneden brood met daartussen beleg (sla, tomaat en tonijnsla) kosten 8$ per stuk. Meteen verstaan we hoe deze Nederlander aan zijn familienaam komt. Het is er een drukte van jewelste, maar brood met een korst, vinden we niet. Het gebak is ook hier weer overdreven gesuikerd.

Wanneer we dus wat later dan verwacht in Mammoth Lakes toekomen, is de temperatuur gezakt van 48 graden naar 22 graden Celcius,  zijn we gestegen van 60m onder de zeespiegel naar 2.400 m boven de zeespiegel en heeft de woestijn van de voorbije twee weken plaats gemaakt voor dennebossen.  Bij onze wandeling komen we zowaar sneeuw tegen, al moet ondergetekende daarvoor wel even afwijken van het wandelpad.  Volgens de dames van de receptie was het ski-seizoen nog maar net voorbij.  En we zijn nog steeds eind juli 🙂

Het hotel is deze keer wat minder, maar het is maar voor één nacht.  Moesten we willen terugkomen om meer van de streek te leren kennen, zal het toch een iets beter hotel moeten zijn.  Bij een frisse pint genieten we nog wat na over de voorbije dagen en weken, alvorens de rust van ons kamertje op te zoeken.

De realiteit komt hard aan.  Yosemite is het park waar we enorm naar uitgekeken hebben, dus vertrekken we ’s morgens goed op tijd uit Mammoth Lakes.  We rijden het park in via de Tuolumne Meadows waar we even stoppen voor het Visitor’s Centre, maar voor we zover geraken staat een jonge kerel in uniform onze aandacht op te eisen.  Hij stelt zich voor als een Naturist Park Ranger, het soort dat als natuurgids uitleg geeft over dit gedeelte van het Park.  Je kan onmogelijk onberoerd blijven door zijn enthousiasme.  Hij vertelt honderduit over hoe de lente, zomer en herft hier op record-tempo passeren omdat de winter 8 maanden duurt, over zijn cabine waarvan het dak een zeildoek is, en hoe je de beren soms tot op enkele meter komen.  Wanneer hij zijn publiek vraagt van waar ze komen en wat we verwachten, is hij zichtbaar geshockeerd wanneer we zeggen dat we maar één dag in het Park zijn. 

In een moment van reflectie maak ik me de bedenking dat WIJ ineens de oppervlakkige toerist zijn, en met gepaste schaamrood druipen we af om de weg voor te zetten richting de trekpleisters die allemaal rond de Yosemite Valley zijn neergezet.  Tijdens de rit van meer dan 80 km, zien we de stukken van dit park die vorig jaar nog afgesloten waren omwille van de branden. 

Eens in de Valley staan we in de file.  Echt.  Alhoewel ook dit park groter is dan de provincie Antwerpen, wil iedereen aanschuiven voor dezelfde selfie aan de bruidsluier waterval, maar alles wordt in goede banen geleid door de honderden parkwachters.  We spotten ei zo na drie zwarte beren, op weg naar ons hotel.  Om nog langs Glacier Point te rijden is het te laat; allicht zou het donker zijn tegen dat we er toe komen.

De zijdeboom

De vriendelijke jongedame aan de receptie van ons hotel in El Portal geeft ons prompt een upgrade en we belanden in een luxe kamer met een ruim terras aan de Merced rivier.  Aan het terras doen de kolibries zich tegoed aan de nectar van de Albizia Julibrissin, een boom die we thuis in de tuin hebben staan. Het appartement geeft ons meteen de ruimte om de koffers wat te reorganiseren.  Blijkt dat de koffer vuile was zwaarder is dan die met propere kleren.  Misschien toch nog een wassalon binnenlopen?  Een beslissing die we graag uitstellen tot morgen.

Komt niets van … morgen : “If you’re going, to …”

De meest Europese stad van de Westkust, en die indruk krijgen we al in het verkeer.  We mogen ook voor ‘t eerst tol betalen, om de lange nieuwe brug richting SF te passeren.  Downtown betekent dus echt wel het centrum : parkeren doen we voor een luttele (!?) 70$ om de hoek in een publieke ondergronde parking.  Sara aan het onthaal ontvangt ons met een brede glimlach, en weet duidelijk niets over België. 

Ze geeft ons onmiddellijk een upgrade naar een kamer op het 34ste, met een prachtig uitzicht over San Francisco.  Het loont dus af en toe te laten vallen dat we nog honeymooners zijn.  Kleine tegendienst : of we haar willen vermelden in een review op Tripadvisor, maar die wel in onze eigen taal invullen.  Met enige fierheid toont ze de automatische vertaalfunctie van deze site.

Als we dan nog even genieten van de luxe en het uitzicht, belt ze ons nog even op: “Hebben jullie de enveloppe al gevonden aan de deur, want ze heeft een bellboy gevraagd enkele ontbijtvouchers onder de deur te schuiven”.  De 5 sterren heeft ze zeker verdiend.

Tip voor de aandachtige lezer : ook wanneer het ontbijt reeds betaald is, wordt een fooi verwacht.  Doe je dat niet, kan je ‘s anderdaags je fruitsap zelf gaan halen, en blijft de beloofde koffie weg.

We wandelen de eerste dag nog even tot aan Fisherman’s Wharf, een must-sea (hebt g’em?).  Voor morgen hebben we een voucher om met de ferry naar Alcatraz te varen, maar op het nummer waar we moeten bevestigen is geen gehoor, dus besluiten we gewoon even tot daar te wandelen.

Fisherman’s Wharf moet je gewoon zelf ondervinden, want ik kom niet direct op een gekend pretpark dat hierop lijkt.  Met uitzicht over de zeehonden en wat verder Alcatraz, genieten we van een romantisch etentje.  De wandeling terug naar hotel gaat iets trager.  Het valt wel op dat deze stad minder zuiver is dan het gemiddelde natuurpark.  Af en toe komen we luid roepende of zingende daklozen tegen en aan bushokjes liggen soms hele zakken kleding en dekens.  Dit probleem hebben ze in deze stad nog niet onder controle.

Weer een dag die we niet snel zullen vergeten, ook al omdat we dit verslagje online zetten.

Na het complimentary ontbijt, wandelen we van het hotel terug naar de kaai van de Alcatraz Cruises.  Ik heb er tijdens de reis al eerder een sport van gemaakt om de mensen aan te spreken in hun eigen taal, waar ze altijd van schrikken, zo ook de Nederlanders die denken dat niemand hen verstaat als ze opmerkingen geven over de koffiekoeken in de koffiebar.  Vandaag hebben we een jas aan, wat vier dagen geleden nog ondenkbaar was.

Er staat een strakke wind uit de baai en de passagiers met short en t-shirt blijven benedensdeks.  Alcatraz is de moeite.  De lopen zelf het eiland rond, en luisteren dus niet naar de audiotoer.  Twee thema’s worden uitvoering aangekaart : de gevangenis uiteraard, en het claimen van het eiland exact 50 jaar geleden door de indianen.  Ik krijg terug symathie voor de ‘native americans’.  Zo deden ze in 1969 een bod op het eiland voor 24$ aan kralen en juwelen, met de mededeling dat ze wisten dat dat veel te gul was gezien de gemiddelde prijs per vierkante meter die ze voor Manhattan hadden gekregen, maar dat wilden ze wel door de vingers zien.  Alle grafitti van toen, is uit eerbied voor dit stuk geschiedenis bewaard en erfgoed geworden.

Wanneer we terug aan land komen, zien we dat de Golden Gate verstopt zit achter een dikke wolk, en besluiten we Lombard Street op te zoeken, het meest bochtige straatje ter wereld, dat versierd wordt door massa’s bloeiende hortensias.  In dit meer residentiële deel van de stad vinden we kleine paleizen terug.  Tijd voor een terrasje, en dus terug naar het water.  Op de meest originele manieren, proberen performer een centje te verdienen; één zit in camouflage achter een struik die hij zelf meegenomen heeft om de mensen de stuipen op het lijf te jagen, maar de helft van de tijd verraadt hij zichzelf omdat hij zijn lach niet kan inhouden.

Het idee is om de cable tram terug te nemen, maar de wachtrij aan de eindhalte is minstens een uur.  Aan alternatieven geen gebrek : huurfietsen, elektrische Jump deelfietsen of Bird-steps.  Maar een man spreekt ons aan om voor dezelfde 7 dollar voor een enkel ritje, ons tot aan union Square te brengen, achter het hoek van ons hotel, … met een limo.  Daar moeten we een halve seconde over nadenken en delen we een stretch met een moeder en dochter uit Wisconsin, en even later nog een koppel uit ‘let’s not talk politics’ Texas.  België is weer het gespreksonderwerp, want de Texaan is er gepasseerd op de weg van Parijs naar Amsterdam.  De rit is te kort, de dag ook.

Na twee dagen niet te rijden, breekt vandaag een heel lange rit aan, die naar Santa Maria.  Dus kiezen we voor de traagste manier om die afstand af te leggen: langs de schilderachtige US-1.  Deze kust is wondermooi en dankzij een truck die aan een slakkentempo deze eenbaanssnelweg afrijdt, kunnen wij en een miljoen anderen het uitzicht in ons opnemen.

Enkele uren later, wanneer de truck toch even moet pauzeren aan de Big Sur, wordt hij daarvoor vriendelijk bedankt met enkele claxons.  We stellen de beslissing over het avondeten uit tot aan het hotel, wanneer de avond al gevallen is.  Zo veelbelovend als het er langs buiten uitziet, zo troosteloos verloopt de rest van de avond.  Met wat tegenzin komt de receptioniste uit haar kantoortje en geeft ons een kamer in het ‘historische’ gedeelte van het Historic Santa Maria Inn.  Dit zou zo’n 100 jaar oud zijn, en dat willen we zeker geloven.  De kamer is klein, de badkamer gemaakt op mensen van 100 jaar geleden.  De rookdetector ligt op een tafeltje, zonder batterijen uiteraard.

Het restaurant is gesloten, dus dan maar een bezoekje bij de hamburgertent ernaast.  In vergelijking lijken de Wendy’s en Burger Kings op sterrenrestaurants, maar we zijn weer een ervaring rijker.  Morgen L.A.

Na gisteren hebben we terug nood aan gezelligheid en warmte, dus zetten we Santa Barbara en Santa Monica op de agenda.  De palmbomen worden hoger, en alles lijkt terug als in de filmpkes.  Aan Malibu beach houden we halte om een stukje te eten.  Aan de wagens die voor de huizen staan, kunnen we afleiden dat hier geen sukkelaars wonen.

In LA geraakt de GPS er niet meer helemaal uit, maar met enkele minuten vertraging staan we bij ons hotel in downtown LA.  We hebben de keuze tussen zelf parkeren en valet, dus : José, park my car ;-). Met wat vertraging krijgen we onze kamer op de 20ste verdieping.

Mijn kersverse heeft uitgezocht dat Little Tokyo Mall achter de hoek ligt, dus vanavond eten we Japans.  Gezelligheid ten top, die avond is er geen nieuw toptalent gepasseerd aan de karaoke, en heb ik eerlijkheidshalve ook mijn vrouwke snel voorbij het podium gesleurd.  Anders was op deze pagina nog een filmpje gekomen (zonder klank, kwestie van de auteursrechten uiteraard).

De laatste volle dag willen we het rustig houden, en daarvoor kiezen we Venice Beach.  We parkeren aan 15$ voor een dag, en we prijzen ons gelukkig, want 50m dichter bij het strand was het nog 30$.  En bij het oversteken van de straat zie ik de beroemde canals.  Suuuper gezellig, en iedereen zegt vriendelijk goedendag.  Via achterstraatjes komen we dan toch op de beroemde betonbaan van Venice Beach

Het gedruis is overweldigend : iedereen schreeuwt om aandacht.  Geen Harley’s maar gepimpte fietsen met chroom en boomboxen.  De blik van de bestuurder doet niet onder voor Sons of Anarchy; dit is zijn terrein.  De kruidendokters staan klaar om je te helpen, met allerlei varianten van het vijfvinger-kruid.  De opschriften op het te koop aangeboden textiel zijn niet meer kindvriendelijk maar niet let er nog op, want aan de overkant van de straat is een Hare Krishna event aan de gang.  Blijkt om een wedstrijd te gaan waar verschillende groepen meedingen naar de prijs voor de mooiste praalwagen, of de grootste aanhang, … helemaal zeker zijn we niet maar we krijgen niet genoeg van de vreemde figuren die hier rondlopen.  Met politie-escorte komen er nog Gods-aanbidders in combats voorbij.

De daklozen zijn hier ontelbaar : sommige slapen op het strand vlak naast het fietspad waar zowat elk denkbaar ongemotoriseerd voertuig passeert.  Gelukkig is het parelwitte strand breed genoeg en hebben we toch de rust om na te praten over de voorbije drie weken.  Op de terugweg stoppen we in de buurt van een daklozenkampje.  Ik laat het smeltwater weglopen en draag de koelbox met de koele ice-tea en waterflesjes tot bij de bewoners.  ‘Can I interest you in a cooler with some cold drinks?’  Dat levert mij prompt een paar ‘God bless you’s op, en wanneer we met de wagen daar terug passeren, zien we ze de flesjes verdelen, en is de cooler een zitbank geworden.

Vanavond alles inpakken en vooral de koffers wegen met de weeghaak (nog eens bedankt, mama).  We krijgen beide koffers op 22 kg, maar moeten de wandelschoenen meenemen in de rugzak.

We waren gewaarschuwd : vertrek op tijd om de wagen terug te bezorgen, want de shuttles naar LAX kunnen soms druk zijn.  Niet dus.  Ruim op tijd zetten we de wagen af.  Het internet en het contract leren ons dat het niet verwacht wordt dat de wagen proper gemaakt wordt, niet dat we zo’n varkens waren, maar er hangt stof op van 4 staten.  De tellerstand van de wagen leest 14.844 mijl, oftewel 3320 mijlen meer dan dan 3 weken geleden.  1 mijl is 1,609 km. Do the math …

Een en ander betekent dat we drie uren op de luchthaven zitten, in weze genoeg tijd om goed voorbereid te zijn voor de terugvlucht met KLM. 

Dankjewel, KLM

Wanneer we goed en wel vertrokken zijn, komt de hoofd-purser nog met een presentje en twee glaasjes champagne, want ook hier zit Frédéric er voor iets tussen.  Wat een leuke afsluiter van een fantastische reis.  De nacht is kort, voor we het goed en wel beseffen is het middag op Schiphol wanneer we landen, zitten we op de shuttle naar de auto in Roelofarendsveen, en rijden we bijna op automatische piloot naar huis.  Het verkeer is hier niet meer zo relax als aan de overkant van de Atlantische Oceaan, en ik mis het al.  Wel blij dat ik mijn eigen (firma-)karretje terugheb

Ik heb een aantal vooroordelen over de Verenigde Staten moeten laten varen, en zeker over de Amerikaan.  We kijken terug op een drukke onvergetelijke huwelijksreis, maar hebben ideeën zat voor volgende trips.

We dachten de jetlag slim af te zijn door wakker te blijven op de vlucht, maar 48 uur later voelen we dat nog.