Burg Feuerstein 2026 – Dag 1

Het bioritme doet zijn ding, en maakt mij wakker om half zeven. Dat het ontbijt pas vanaf 08:00 is, zorgt ervoor dat ik tijd zat heb om mijn gerief voor de dag klaar te leggen. Gedoucht en geschoren naar beneden. De reviews over het ontbijt zijn terecht. In plaats van eerst wat rond te kijken naar het buffet, begin ik mijn bord te laden met wat er goed uit ziet en geraak dus niet halfweg.

Na het ontbijt nog even langs de kamer en naar het veld, waar Joris het spek aan het bakken is voor het ontbijt van de campeerders. De Venti (of Ventussen ?) van Jelle en Thomas al grotendeels gemonteerd staan. De ASW15 heeft net zijn vleugels gekregen, en ik kijk even of ik nog iemand kan helpen. Goed getimed, want op dat moment schuift iedereen aan tafel, dus zet ik mij als toeschouwer aan de kop van de tafel 😀

Na het ontbijt spreid de groep zich uit. Sommige gaan zich al aanmelden bij de toren, enkele vrijwilligers gooien zich op de afwas, en ik begin aan de montage van ons Trees. Devin en Zelaï springen bij. Even een klein momentje wanneer de romp begint de kantelen in het karretje, maar een buur die zijn DG800 wil monteren komt meteen de romp terug rechtzetten. Op geen tijd steken de vleugels op hun plaats en helpen we de man met de DG800 voor zijn verrassend lichte vleugels. Het wordt ineens wat drukker; de ene na de andere aanhanger gaat op, dus ook die vlak naast mij. Van zodra ik kan, pik ik de LS3 aan, en verzet mij weg van de drukte, om de rest af te werken.

De aanmelding verloopt vlot, en na de beknopte briefing van de verkeersleider over de werking van het vliegveld (“alles kan als je het vraagt”) help ik nog wat met de montage van de clubbakken. Ik zie dat ondertussen Jelle en Thomas vertrekken achter de sleper. De start van Thomas in het bijzonder was rommelig, te laag en veel beweging. Leen vertelt later dat het een rommeltje was al bij het oplijnen van de toestellen voor de sleep. Wanneer Zelaï en ik vertrekken, loopt alles vlot. De sleper komt al ter plaatse nog voor we ernaar gevraagd hebben. Ik sta vooraan, doe mijn checks en maak mij klaar. Leen steekt te kabel aan de neushaak en we de sleper spant aan. Net op het moment dat we vertrekken, springt de kabel uit de neushaak. De sleper komt terug en we kijken wat er gebeurd is. Waarschijnlijk was de kabel niet goed aangepikt, omdat de ruimte rond de haak zo krap is. De tweede poging is iets beter. De vleugel raakt nog even de grond, maar de rest van de start loopt heel vlot. Ik trek los op ongeveer 400 m omdat ik de sleper net door een pomp zie vliegen. Die pomp brengt mij op geen tijd naar een mooie hoogte.

Ik had mijn autosleutel gedeeld met Klaartje, iets waar ik later op de dag nog lessen uit trek – voor mezelf (Les 1). Het feit dat er een ophaalploeg is en de remork klaarstaat, zorgt voor gemoedsrust. De hoogtes van de thermiek compenseren de ongerustheid over de sterke wind, soms meer dan 50km/u. Ik verkies dus naar het westen te trekken, tegen de wind in, zodat ik vlotter teruggeraak als het tegenzit. Maar het zit dus helemaal niet tegen. Op geen enkel moment kom ik laag. Het kan als eens stevig zakken, maar af en toe zit er een pomp tussen waar ik tegen 3-4 m/s terug kan stijgen. De meesten halen die kracht niet, ook al door de hoge afscherming.

Op voorhand had ik de babbelfrequentie niet opgeschreven (Les 2) wat de coordinatie met Zelaï iets moeilijker maakte. We hebben dus enkele stukken samengevlogen, maar hij is nog wel een stuk westelijker dan ik geweest.

Wanneer ik over de radio hoor dat Zelaï landt, en Jelle ook, zit ik ook terug in de buurt van het vliegveld, maar ga ik toch nog iets naar het oosten, omdat data ook nog mooie Cu’s hangen. Zowel Jelle als Zelaï verkiezen de piste om dan uit te draaien naar het vierkant waar de aanhangers staan. Ik kies om gewoon op de graspiste te landen omdat ik verwacht dat de wind over het veld dat ook nog eens bol ligt, teveel is voor mij. In het achterhoofd speelt ook de club-LS4 die met zijn landingsgestel in de atelier ligt. Achteraf blijkt dit de beste keuze, want de jongens die op de piste zijn geland, moeten nog wat bekomen.
Van de graspiste loop ik naar waar ik de auto had geparkeerd, maar daar stond die dus niet meer. De les: maak geen veronderstellingen. Een geluk dat de piloot van de DG800 geland was en mij een lift met zijn auto gaf. Zo kon geraakte ik bij de auto en kon de LS3 van de graspiste halen.

De wind speelt al wat over het veld, en de voorspelde regen zorgt ervoor dat bijna iedereen zijn toestel in de remork steekt.  Ik niet.  Ik was de LS3, vooral voor het stof van het transport, doe er de Clouddancer covers over (waarom heb ik ze anders gekocht?) en zet ze vast naast een Duo Discus XLT die geen covers draagt.  (Les 3)  De spiraalschroeven die Zelaï mij leent, werken geheel niet in een bodem die vol stenen ligt.  Pas na een tiental pogingen vind ik een plek om de haak diep genoeg te krijgen.  Een oplossing als de Claw met piketten is de betere oplossing die ik op het veld zie bij andere toestellen.

Naast mij parkeert een ASH31Mi, die de vriendelijke man ook klaarmaakt voor de nacht.  Naast de verankering in het veld zet hij er ook nog eens 200 kg volle bidons water bij.  Op dat moment zie ik dat de Dou zich al heft losgemaakt van zijn grondankers en op een vleugel ligt, terwijl aan de tip van de andere vleugel de spankabel danst in de wind.  Samen zetten we hem terug vast, zo goed het kan.

Al dit neemt wat tijd, en doe ik op mijn gemak zonder hulp.  Wanneer ik aan de tenten kom, is er een concensus om te gaan eten in de Kropfeld Keller, zowat de enige plek die open is.  De keuze in eten is beperkt dus ik ga voor de traditional curryworst met het locale Kellerbier, m.i. nog steeds de beste keuze.  De avond verloopt opnieuw luchtig.  Thomas scheurt letterlijk zijn broek als hij over de leuning van de bank wil stappen, en Joris die aan de overkant zat, moet even bekomen.  

Op de wandeling terug naar het hotel kan ik alleen maar tevreden terugblikken op Dag 1.

De nacht is opnieuw heel rustig, voor mij toch.  Ik lees pas ’s ochtends de WhatsApp berichten van een Zelaï die om half 3 is gaan kijken en ziet dat alles goed is.  En om half vier doet Rien dit nog eens.  

Tags: geen tags

Add a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *